In Nederland nemen ongeveer 750.000 mensen elke avond een slaapmiddel. Ongeveer 300.000 mensen doen dit langer dan drie maanden en zijn chronische gebruikers van slaapmiddelen.
Het slikken van slaap- en kalmeringsmiddelen (benzodiazepines) is niet zonder gevaar. Ze helpen je als je onrustig bent, last hebt van angstgevoelens en als je slecht slaapt. Echter ze lossen de problemen niet op. Daarnaast zijn de bijwerkingen gevaarlijk. Slaap- en kalmeringsmiddelen maken je suf en traag en veroorzaken spierzwakte. Ouderen die deze middelen gebruiken vallen vaker en breken snel een heup. Het coördinatie- en concentratievermogen verslechtert en er treedt geheugenverlies op. Daarnaast raak je verslaafd aan de middelen.

Al na twee weken dagelijks gebruik kan gewenning optreden. De werking van deze medicijnen neemt af, en je hebt er steeds meer van nodig om hetzelfde effect te bereiken. Vooral vrouwen en ouderen blijken relatief veel slaap- en kalmeringsmiddelen te gebruiken. Afkicken moet geleidelijk en onder professionele begeleiding.
Ook de ontwenningsverschijnselen na het stoppen met slaapmedicijnen zijn groot.
De meest voorgeschreven slaapmedicijnen zijn oxazepam (merknaam Seresta) en temazepam (merknaam Normisom). Deze medicijnen vallen onder de zogenaamde benzodiazepinen, een verzamelnaam voor medicijnen met kalmerende eigenschappen. De meeste kalmerings- en slaapmiddelen behoren tot deze groep.
Elk jaar sterven er 200 mensen en raken er 20.000 mensen gewond door een ongeval dat te wijten is aan de invloed van kalmeringsmiddelen. Bij chronisch gebruik verergert het middel de kwaal en veroorzaakt het klachten als angst, spanning en slapeloosheid. Stoppen na langdurig gebruik kan heftige onthoudingsverschijnselen geven, wat vaak aanleiding is om weer te gaan slikken.
Lees hier meer over medicijnverslaving.
Het stoppen na langdurig gebruik van slaappillen – zoals benzodiazepines (bijv. temazepam, diazepam) of z-middelen (bijv. zolpidem, zopiclon) – kan lastiger zijn dan verwacht. Het lichaam en brein passen zich aan de constante aanwezigheid van deze middelen aan, waardoor je tolerantie opbouwt en steeds meer nodig hebt om hetzelfde effect te bereiken. Wanneer je plots stopt of te snel afbouwt, kunnen ontwenningsverschijnselen ontstaan, zoals slapeloosheid die terugkomt of zelfs verergert, angst, rusteloosheid, prikkelbaarheid, trillen, zweten en gespannenheid. Soms ontstaan fysieke klachten zoals maag- of hoofdpijn of concentratieproblemen.
Daarnaast kan er een psychische afhankelijkheid ontstaan: je brein leert deze pillen te associëren met ontspanning en slaap, waardoor je angst krijgt voor slapen zonder medicatie. Omdat deze combinatie van lichamelijke en psychische klachten het zelfstandig stoppen moeilijk maakt, wordt afbouwen onder begeleiding van een arts of specialist sterk aangeraden.
Een gecontroleerd afbouwschema gecombineerd met alternatieve slaapstrategieën en behandeling van onderliggende oorzaken van slaapproblemen vergroot de kans op succesvol en duurzaam stoppen aanzienlijk.
"*" geeft vereiste velden aan