Drink je regelmatig (te veel) alcohol? Of vermoed je een alcoholprobleem bij jezelf of iemand in je omgeving? Dan is het raadzaam om je overtuigingen over drank eens onder de loep te nemen. Over alcohol wordt namelijk positiever gedacht dan het in werkelijkheid is. We zetten 3 grote misvattingen voor je op een rijtje.
Dit artikel is op 19 augustus 2026 bijgewerkt.
1. Alcohol is lekker
Heerlijk, zo’n wijntje of biertje op het terras. Genieten! Veel mensen hebben een positief beeld bij alcohol en gebruiken een drankje om zichzelf te belonen na een drukke week of om even te ontspannen. Ook op verjaardagen, feestjes of andere sociale bijeenkomsten krijg je al snel het idee dat alcohol wel intens lekker moet zijn.
“Geniet met mate”, “het gele goud”, “alsof er een engeltje over je tong piest”, of wijnen met “een intense smaak en een rijke, frisse of zoete afdronk”. Als je al deze uitdrukkingen mag geloven, mis je heel wat als je geen alcohol drinkt. Maar is dat ook echt zo?
Alcohol draagt zeker bij aan de smaak van een drankje. Het geeft lichaam, warmte en ‘pit’ aan een stevige rode wijn, een IPA of een whisky, en werkt als een soort oplosmiddel voor aromastoffen die zich zonder alcohol minder goed laten proeven. Dat is ook precies waarom veel mensen alcoholvrij bier of alcoholvrije wijn ‘plat’ of ‘leeg’ vinden smaken. Alcoholvrij mist niet alleen het effect, maar ook een deel van het mondgevoel en de aroma’s die alcohol meebrengt. Puur ethanol zelf is overigens wél bitter en scherp van smaak, en in hoge concentraties bovendien giftig voor het lichaam. Alcohol wordt niet voor niets al eeuwenlang gebruikt als ontsmettingsmiddel.
Maar dat alcohol de smaak van een drankje kan versterken, is niet hetzelfde als zeggen dat we alcohol drinken ‘om de smaak’. Onderzoek naar smaakvoorkeuren laat zien dat waardering voor bittere en scherpe smaken, zoals die van bier, wijn of sterkedrank, grotendeels een aangeleerde voorkeur is: een zogeheten ‘conditioned flavor preference’ (PMC/NIH). Je brein koppelt de smaak aan wat erna komt, het effect van de alcohol, en door die herhaalde koppeling gaat de smaak zelf ook prettiger aanvoelen. Hetzelfde mechanisme speelt bij koffie of hete pepers, bijna niemand vindt die smaak in het begin fijn.
Dat verklaart ook waarom je eerste wijntje of biertje waarschijnlijk niet meeviel. Veel pubers vinden hun eerste slok smerig; sommigen stoppen direct, maar de meesten houden desondanks vol totdat de smaak ‘went’. Sterkedrank wordt bovendien vaak zoet gemaakt om die aanloopperiode te overbruggen. Denk aan Bacardi-cola, Malibu-cola of zoete witte wijn, drankjes die je juist drinkt vóórdat je de ‘volwassen’ smaak hebt leren waarderen.
Met andere woorden, de smaak die je nu misschien lekker vindt aan alcohol is voor een groot deel zelf al een product van het effect dat je najaagt, niet een onafhankelijk argument om te blijven drinken. Dat besef helpt om kritischer te kijken naar hoeveel van “ik vind het gewoon lekker” eigenlijk “ik ben eraan gewend geraakt” is.
2. Alcohol helpt mij ontspannen
Dagelijks een drankje bij het eten, of op de bank, “helpt mij ontspannen”. Op die manier kan ik even ontstressen en mijn zorgen van me af laten glijden. Dit is misvatting nummer twee waarmee we ons alcoholgebruik proberen te verantwoorden: het idee dat alcohol helpt te ontspannen.
Ontspannen betekent letterlijk ‘losmaken wat gespannen is’ en ‘door afleiding tot rust laten komen’. In ons hectische, drukke bestaan moeten we af en toe ontspannen om tot rust te komen en de batterij op te laden. Denk aan een massage, sporten, seks, meditatie, dansen, iets leuks doen met vrienden, wandelen of lezen. Je neemt afstand van je verplichtingen en doet iets dat voor echte mentale rust en nieuwe energie zorgt.
Alcohol kan je die rust niet geven, ook al wordt daar vaak anders over gedacht. Alcohol is een middel dat de hersenactiviteit dempt. Het versterkt de werking van GABA, de belangrijkste remmende signaalstof in je hersenen, waardoor je je aanvankelijk kalmer en losser voelt (NIAAA). Dat is echter geen ontspanning, maar verdoving: de illusie van rust. Zodra de alcohol is uitgewerkt, corrigeert het brein die verstoorde balans, wat juist tot méér onrust en spanning kan leiden, ook wel bekend als ‘hangxiety’ of rebound-angst. Alcohol werkt bovendien slaapverstorend: het verkort de REM-slaap, de fase waarin je hersenen herstellen, waardoor je slaap minder verkwikkend is, ook als je er zelf niets van merkt (Trimbos-instituut).
Hetzelfde verdovende effect geldt overigens voor bepaalde kalmerings- en slaapmiddelen, maar daarvan zeggen we niet dat we ze slikken om te ontspannen. Bij die middelen weten we dat er een onderliggende noodzaak toe is.
Kortom: alcohol helpt je niet echt ontspannen. Op de lange termijn haalt het je energieniveau juist naar beneden en ondermijnt het je slaap en herstel. Als je sterk in het leven wilt staan, is échte ontspanning onmisbaar. Er zijn talloze manieren om stoom af te blazen die uiteindelijk een positievere uitwerking hebben op je leven dan structureel, verdovend gebruik van alcohol.
3. Alcohol geeft mij zelfvertrouwen
Een feestje of een sociale bijeenkomst kan voor onzekerheid zorgen. Om die spanning weg te nemen, kan een drankje helpen. Je verliest er je (sociale) remmingen door. Zo kan het gebeuren dat een verlegen iemand zich op een feestje ontpopt tot een waar feestbeest.
Veel mensen drinken in een uitgaansgelegenheid eerst het nodige voordat ze op iemand afstappen, uit angst voor afwijzing. Het zelfvertrouwen lijkt met elk glas te groeien; de angst wordt als het ware weggedronken. Door de drank verdwijnen remmingen en voel je je vrijer en zelfverzekerder. Maar ook hier geldt: het is een illusie. Alcohol kan je geen zelfvertrouwen geven. Sterker nog, op de langere termijn ondermijnt het juist.
Hoe zit dat precies? Zelfvertrouwen is een stabiel, positief gevoel. Zelfverzekerde mensen stralen daardoor vaak kracht en rust uit. Angst is daarentegen een negatief gevoel; je voelt je onzeker en klein. Wat alcohol doet, is tijdelijk het onzekere gevoel dempen. Dat komt doordat alcohol de activiteit remt in de prefrontale cortex, het hersengebied dat verantwoordelijk is voor zelfcontrole en beoordelingsvermogen (NIAAA). Daardoor lijkt het alsof je zelfvertrouwen groeit, terwijl in werkelijkheid vooral je rem loslaat.
Te veel drinken zorgt er dan ook geregeld voor dat je je achteraf schuldig voelt, onbeleefd bent geweest of verkeerde opmerkingen hebt gemaakt, of overlast hebt veroorzaakt. Alcohol geeft je geen positief, bekrachtigend gevoel, maar is een tijdelijke remedie voor onzekerheid, vaak met negatieve consequenties waardoor de nare gevoelens juist toenemen. Na de piek volgt het dal. Gezelligheid en zelfvertrouwen maken plaats voor onzekerheid en soms schaamte, waardoor je uiteindelijk steeds meer beseft dat je in een valkuil bent gestapt.
Wil jij testen of jij mogelijk een alcoholverslaving hebt? Doe online anoniem de test!
Tot slot
Dit zijn drie grote misvattingen die kunnen bijdragen aan het ontstaan of in stand houden van een alcoholprobleem: het idee dat alcohol lekker is, dat het ontspant, en dat het zelfvertrouwen geeft. In de media en tussen vrienden onderling wordt alcohol vaak verheerlijkt, terwijl velen juist gebukt gaan onder de gevolgen van het gebruik ervan. Door deze overtuigingen te herkennen, wordt het makkelijker om een eerlijker beeld van je eigen drinkgedrag te krijgen, en om op tijd hulp te zoeken als drinken meer een gewoonte dan een keuze is geworden.
Herken je jezelf in dit verhaal, of maak je je zorgen om iemand in je omgeving? Lees meer over alcoholverslaving en stoppen met drinken, of neem vrijblijvend contact op met SolutionS.
Bel: 033 – 204 85 50
E-mail: info@solutions-center.nl
Bronnen

